Begin met het vinden van de looproutes. Muizen lopen langs muren, plinten en leidingen. Zet daar vallen. Dicht daarna alle openingen naar buiten en berg voedsel op in afsluitbare bakken van glas, metaal of hard plastic. Vallen pakken de muizen aan die al binnen zijn. Wering voorkomt dat er nieuwe binnenkomen. Je hebt beide nodig voor een blijvend resultaat.
Meer dan één. Bij een opening van 6 mm zijn er meestal meerdere toegangswegen, en dan loopt het dier ook langs meerdere routes. Als je muizen binnen hebt, moet je eerst de muizen afvangen. Zodra je de muizen gevangen hebt de looproute goed schoonmaken. Anders heb je kans dat andere muizen het spoor weer oppakken.
Met een muizenval zie je het resultaat en houd je grip op de plaatsing. Gif werkt op plekken waar je niet dagelijks kunt kijken, maar alleen in een gesloten lokdoos. Particulier mag gif echter niet meer gebruikt worden.
Nee. Een verjager houdt dieren van een plek weg. Wat al binnen is, moet je vangen of bestrijden.
Kijk naar de keutels. Muizenkeutels zijn klein, ratten laten keutels achter van één tot twee centimeter. Een volwassen rat is ook veel groter dan een muis, met een dikke staart en een stompe snuit. Een muis heeft grote oren in verhouding tot de kop. Twijfel je bij sporen buiten of in de kruipruimte, denk dan ook aan ratten. Alleen professionele ongediertebestrijders mogen ratten met gif bestrijden.
De keutels zijn 3 tot 8 millimeter groot en donker van kleur. Verse keutels glanzen en zijn zacht, oude keutels zijn dof en hard. Je vindt ze langs plinten, in keukenkastjes en achter apparatuur. Ruim ze op met handschoenen aan. Maak ze eerst nat met een schoonmaakmiddel of ontsmettingsmiddel en veeg of stofzuig ze niet droog op, zodat je geen stof inademt.
Muizen komen de spouw vaak binnen via open stootvoegen in het metselwerk en via gaten rond leidingen. Plaats stootvoegroosters in open voegen en dicht gaten rond leidingen met staalwol en weringspasta. Zet vallen op de plekken waar de spouw of het plafond uitkomt, zoals de meterkast, de zolder of de kruipruimte. Muizen die in de spouw zitten, bereik je niet direct. Je vangt ze op de plek waar ze eruit komen.
Je hoort krabbelen, ritselen en knagen, vooral ’s avonds en ’s nachts. Muizen zijn nachtdieren. Het geluid komt vaak uit plafonds, muren, de zolder of achter keukenkastjes. Soms hoor je een hoog piepen.
Muizen eten vooral zaden, granen en graanproducten, maar ook vet, suiker, noten en dierenvoer. Ze eten kleine beetjes op veel verschillende plekken. Dat is de reden om voedsel en dierenvoer ’s nachts af te sluiten en kruimels op te ruimen.
Muizen in de tuin zijn vaak veldmuizen, woelmuizen of bosmuizen. Die horen bij de natuur en richten buiten weinig schade aan. Het probleem ontstaat als ze naar binnen gaan. Houd daarom de gevel vrij van struiken en afval, sluit containers goed af en dicht openingen in de gevel.
Muizen verspreiden ziekteverwekkers zoals salmonella via hun urine en uitwerpselen. Ze besmetten voedsel en werkbladen. Ze knagen ook aan kabels, isolatie en verpakkingen, en knagen aan elektrische bedrading geeft brandrisico. Pak een muizenprobleem daarom snel aan en maak besmette plekken goed schoon.