Rattenkeutels zijn één tot twee centimeter lang en donker van kleur. Muizenkeutels zijn veel kleiner, 3 tot 8 millimeter. Je vindt rattenkeutels vaak op looproutes langs muren, in de kruipruimte, in de schuur en bij voedselbronnen. Ruim ze op met handschoenen aan. Maak ze eerst nat met een ontsmettingsmiddel en veeg of stofzuig ze niet droog op.
In Nederland heb je meestal te maken met de bruine rat. De zwarte rat is 16 tot 24 cm lang, met een staart die langer is dan het lichaam. Hij heeft een spitse snuit, grote oren en een slanker lijf dan de bruine rat. De bruine rat is steviger, met een stompe snuit, kleine oren en een staart die korter is dan het lichaam. De bruine rat is een goede graver en zwemmer en leeft ook in het riool.
Kijk naar de grootte van het dier en de keutels. Een volwassen rat is veel groter dan een muis en laat keutels achter van één tot twee centimeter. Twijfel je, zet dan geen muizenval neer. Die is te klein en te zwak voor een rat.
Je hoort krabben, knagen, rennen en soms piepen. Ratten zijn vooral ’s avonds en ’s nachts actief. Het geluid komt vaak uit plafonds, de zolder, de kruipruimte of holle muren. Ratten maken meer lawaai dan muizen, omdat ze zwaarder zijn.
De ziekte van Weil wordt veroorzaakt door een bacterie. Ratten kunnen die bacterie bij zich dragen. Via hun urine komt de bacterie in aarde, riool en oppervlaktewater terecht. De klachten beginnen met plotseling hoge koorts, koude rillingen, buikpijn, braken, spierpijn en hevige hoofdpijn. In Nederland is het aantal mensen dat ziek wordt door de ziekte van Weil beperkt. Draag rubberen handschoenen en laarzen bij contact met water of grond waar ratten zijn gezien. Dek wondjes af en was je handen met water en zeep.
Ratten kunnen ziekteverwekkers zoals virussen, bacteriën of parasieten bij zich dragen waar mensen ziek van kunnen worden. Die komen via urine, keutels en speeksel in de omgeving terecht. De bekendste is de ziekte van Weil. Ratten knagen ook aan kabels, leidingen en isolatie.
Ratten in de tuin komen af op voedsel. Denk aan vogelvoer, kippenvoer, compost, afval en gevallen fruit. Haal die bronnen weg of sluit ze af. Een rattenhol herken je aan een gat in de grond van enkele centimeters, vaak onder struiken, schuttingen of tegels, met uitgegraven aarde ernaast. Vang ratten met klemmen in een afgesloten lokdoos of een kooi, zodat vogels en huisdieren er niet bij kunnen.
Ratten in de kruipruimte komen vaak uit het riool. Meestal is een defect rioolstelsel in de buurt de bron. Laat de riolering onder je huis controleren op breuken en open aansluitingen. Een rattenklep in de rioolleiding houdt ratten tegen die via het riool binnenkomen. Dicht daarnaast gaten in de fundering, rond leidingen en in ventilatieopeningen.
Ratten zijn alleseters. Ze eten granen, zaden, fruit, vlees, insecten en meer. Een rat eet ongeveer 30 gram per dag en drinkt 60 ml. In en rond huis komen ze af op vogelvoer, dierenvoer, afval en compost.
De draagtijd duurt ongeveer drie weken. Een vrouwtje krijgt meerdere nesten per jaar. Zie je overdag ratten, dan is de kans groot dat er een grotere groep in de buurt zit.
Zoek eerst uit waar de ratten vandaan komen. Kijk naar keutels, knaagsporen, holen en looproutes. Haal voedselbronnen weg en dicht de toegangen. Vang de ratten die al binnen of rond je huis zitten met rattenklemmen of een rattenkooi. Lukt het niet, schakel dan een professionele plaagdierbeheerser in. Alleen zij mogen rattengif gebruiken.
Dat verschilt per gemeente. Veel gemeenten hebben een meldpunt of werken met een plaagdierbeheerser. Kijk op de website van je gemeente wat zij aanbieden en of er kosten aan verbonden zijn. Het RIVM adviseert om eerst na te gaan wat je zelf kunt doen.
Doe je het zelf, dan betaal je voor vallen, lokdozen en weringsmateriaal. Een plaagdierbeheerser rekent per bezoek of per traject. Prijzen verschillen per bedrijf en per situatie.